Artikelen boekenkast filmpjes oefeningen bronnen

De mens is een spiegel

De innerlijke wereld ( wijzelf) en de buitenwereld ( de wereld om ons heen) zijn niet gescheiden maar zijn één, ze vormen een aanwezige staat van onbegrensd bewustzijn en dat is iemands Ware Zelf. Het inzicht van hét geheel betekent, dus inzien dat er geen delen bestaan, dan komen wij tot de Hoogste Identiteit. In het eeuwige licht van het onbegrensd bewustzijn blijkt je Ware Zelf één geheel te vormen met de Kosmos. Je Ware Zelf is identiek met de Hoogste Energie waar alle dingen in het Universum een manifestatie van zijn.

Namen voor dit echte zelf: Goddelijke, Christus, of Universeel mens. Deze woorden zijn slechts symbolen voor de ware wereld der begrensdheid. Het Ware Zelf is een altijd aanwezig, onbegrensd bewustzijn. Het in woorden uitdrukken van de onuitsprekelijke ervaring van éénheidsbewustzijn is altijd beperkt. Menselijke taal is niet in staat het wezen van eenheidsbewustzijn uit te drukken.

Doe een paar bewustzijnsexperimenten, kijk zorgvuldig naar je huidige bestaan en probeer jezelf en je wereld zo zuiver mogelijk te zien. Denk niét, kijk alleen, kijk in je innerlijke! Als je zorgvuldig en aanhoudend in jezelf zoekt zul je het uiteindelijke antwoord buiten je vinden. Je realiseert dan dat binnen en buiten, het subject en het object, de ziener en het geziene één zijn. Het Ware Zelf kan helemaal niet binnenin gevonden worden. Hoe dieper ik doordring in me zelf, des te verder verwijder ik me van mezelf. Al wáárnemend ontdek ik dat het 'zelf' dat ik kan voelen, zien, of kennen ( het zelf waarvan ik dagelijks de getuige van ben) helemaal niet mijn Ware Zelf is. Het is 'n vals zelf, een illusie, een misleiding. We hebben ons in onwetendheid vereenzelvigd met 'n verzameling kenbare objecten: ons lichaam, onze geest onze persoonlijkheid, in de veronderstelling daar deze objecten ons ware 'zelf' uitmaken.

Daarna zijn we ons hele leven bezig om iets wat slechts 'n illusie is te verdedigen, te beschermen en in stand te houden. We zijn het slachtoffer geworden van de wijdverspreide ziekte van een onjuiste identiteit, terwijl onze hoogste identiteit kalm maar zeker afwacht tot hij ontdekt wordt. Wat ik kan kennen, denken of voelen van mijzelf, mijn geest, lichaam, gedachten, verlangens, ze kunnen niet mijn Ware Zelf zijn, net zo min als de bomen, de sterren, de wolken en de bergen. Wat ik in essentie ben wordt geleidelijk aan onthuld in het inzicht dat dit Zelf zich veel verder uitstrekt dan mijn fysieke bestaan. Er vindt ' een omwenteling plaats in de diepste zétel van het bewustzijn' ; ik ontdek daar terwijl ik mijzelf zoek naar mijn Ware Zelf. De wereld! Ik ontdek dan dat in essentie de binnen en buitenwereld, subjectief en objectief één zijn.

De innerlijke en de buitenwereld zijn twee verschillende namen voor één altijd aanwezige staat van onbegrensd bewustzijn ( eenheidsbewustzijn) - en dat is iemands Ware Zelf. 'Er bestaat geen afgescheiden "Zelf" dat apart staat van de wereld. Het aparte zelf dat je veronderstelde verdwijnt in de gewaarwording. Dat bewustzijn is niet ''ik'', maar dat is puur een registratie, een observatie van wat je waarneemt, wat je fysiek ervaart.

Met andere woorden: er is gewaarworden, er is denken, voelen, willen, streven, zich herinneren, verlangen, enz. vervolgens is er het Bewustzijn ( dé registratie) van dit alles: ik weet, ik besef dat ik waarneem, denk, voel, wil, herinner, enz. Je richt je op een ander gebied, daardoor wisselen je gewaarwordingen. Het lijkt of je dit proces deels zélf kunt sturen, alsof het je deels 'overkomt'. Je EGO zou dan de toevallige identificatie zijn met wat zich op een gegeven moment - waar door dan ook - voordoet, het toeval van het moment krijgt je in z'n greep, je laat je er door drijven en bepalen, zonder dat je door hebt dat dit een misleiding is.

Voordat je Hogere Zelf de kans krijgt om het Geheel te zien, identificeer je je met een aspect. Je kosmische bewustzijn wordt als 't ware naar de achtergrond verdrongen, en je deel - identificatie ( ego dringt zich naar de voorgrond van je bewustzijn) en je laat je er door meedrijven. Daardoor heeft een moment aan gevoel het voor het zeggen. Je 'bent' het gedachtepatroon, het gevoel, het verlangen wat zich op dat moment voordoet.

Je ''Hogere Zelf'' is het EENHEIDSBEWUSTZIJN of kosmische bewustzijn, het besef van het Totaal; bij voortdurend eenheidsbewustzijn, is er de staat van ''Verlichting''. Je laat je niet meer bepalen door onbewuste identificaties, maar je neemt helder waar zonder door je ego 'vluchtige identificaties' vertroebeld te worden. Wat onder 'ego' of 'ik' wordt verstaan de identificatie van het moment met een bepaalde gewaarwording/gedachte/gevoel/wilsbesluit/streven, enz. Is er dan geen innerlijke dirigent die 'mij' stuurt, die de processen doen plaatsvinden regisseert? Ik ben toch niet overgeleverd aan allerlei invloeden die me "'overkomen " ? Levensmoed is durven te leven in het ''NU".

Er is een bewustzijn dat boven het individuele uitstijgt dat ruimte en tijd te boven gaat, dat geen persoonlijkheid problemen, spanningen of angsten kent. Het is het collectief onbewuste; bewustwording daarvan is van belang, om te voorkomen dat we dat aan de andere kant van de volgende grens plaatsen, zodat het ons vandaar bedreigt. Bij bewustwording, de erkenning, het tot vriend maken en gebruiken van de krachten die in ons collectief onbewuste aanwezig zijn. Door deze bewustwording kunnen we zelf het heft in handen nemen.

Kunnen we er voor behoed worden onbewust en tegen onze wil in te worden voortgedreven door het inhouden van het collectief onbewuste. Voor die bewustwording is het van belang te leren mythologisch te leven. We kunnen dan het transcendente tot ons leven toelaten. Taal en beelden van de mythologie stellen ons in staat ons open te stellen voor een verruimde onbegrensde wereld. De diepte van je ziel begint los te komen en de korst van je 'ego - bewustzijn' begint langzaam in stukken te breken, zodat het transcendente kan groeien. Die groei, kan je persoonlijke leven transcenderen en je brengen naar je diepere zelf. De kern van het transcendente zelf is dat het losstaat van je persoonlijke geest, lichaam, emoties, gedachten en gevoelens. Ben een zuivere kern van bewustzijn.

De mens is een spiegel. Hij grijpt niets vast; hij weigert niets; hij ontvangt, maar houdt niets. Je kijkt als een buitenstaander naar jezelf, en beschouwt datgene wat je in jezelf waarneemt met dezelfde onpartijdigheid als de wolken die door de lucht zeilen. De goddelijke geest werkt in en door jou, jij bent het instrument van die kosmische geest; het enige dat je hoeft te doen is die geest niet te belemmeren door vanuit je egocentrische standpunt te kijken, want dan zie je slechts een klein deel van het grote kosmische totaal! Je ziet alles dan ook niet vanuit je eigen belang: je ziet dan het belang van het totaal. De totale wereld is je lichaam. We beginnen dan anderen lief te hebben, niet om er iets voor terug te krijgen of om zelfbevestiging terug te ontvangen, maar omdat we een geheel zijn: één lichaam met vele leden! De relatie tot je omgeving is dezelfde als de relatie tot je eigen organisme. Mystici spreken hier van het universele mededogen.

Je kunt je fundamentele intuïtie terugkrijgen dat je als kind bezat: intuïtie en je bewustzijn zijn uniek en onsterfelijk. Dit enig Zelf ( bewustzijn) ontstijgt het lichaam en de geest, en is wezenlijk één en hetzelfde in alles bewuste wezens. Het transcendente zelf is de enige echte ''zielsverhuizer'', de ''inner observer'', de transpersoonlijke getuigen zal overgaan als 'onpersoonlijk eenheidsbewustzijn' Immers: het aantal transcendente IKKEN is niet meer dan één! We maken allen deel uit van het eenheidsbewustzijn. Mijn transcendente ik- heid is hetzelfde ik dat onze voorouders hadden, en wat onze nakomelingen zullen hebben, en wat de nu de levende mensen hebben! Dat innerlijke ik werd niet tegelijk met je lichaam geboren en zal niet tegelijk met je dood verdwijnen; het kent geen tijd, het heeft geen kleur, geen gestalte, geen vorm, geen afmetingen.

Stukje uit het boek "Zonder Grenzen" van Ken Wilber